
Bron: Creatie van MacBing AI (rechtenvrij)
Waar liefde zo mooi kan zijn, kan het ook gruwelijk misgaan. Mijn broer en schoonzus zijn uit elkaar. Ik vind het ontzettend jammer en heb diepe meelij met mijn broer. De eeuwige vrijgezel die het nooit langer uithield dan een paar maanden, ondervindt nu zelf hoe het is om verlaten te worden. Zij is namelijk verliefd op een ander. Een onderkruipsel van een man. Een stumper. Een hersenloze klootzak die haar vast en zeker gaat kwetsen. Althans, dat is zijn stellige overtuiging. Ik snap haar wel een beetje, maar dat zeg ik natuurlijk niet.
Haar inruilexemplaar is een goddelijk afgetrainde sportschoolhouder, met wie ze al sinds een poosje haar overtollige kilo’s eraf zweette. Onderwijl liet mijn broer zijn buik groeien op hun bankstel met een shitload Lay’s paprikachips (met dipsaus) en bestond zijn beweging voornamelijk uit het zich verplaatsen van en naar zijn werk, en van en naar de koelkast. Daarnaast wilde zij dolgraag kinderen en hij niet. Hij vreest namelijk vooral dat hij, gelovend in opperste Karma, zichzelf zal reproduceren.
Na een paar weken van diepe rauw is hij echter het licht gaan zien en heeft ook hij de weg naar de sportschool gevonden. Een andere dan de hare, uiteraard.
“Ik begin al aardig resultaat te zien,” zeg ik dan ook tot zijn grote vreugde, als hij op zaterdagmiddag plots onaangekondigd voor de deur staat. Mijn meiden zijn in extase als hij ons uitnodigt om een hapje te gaan eten. Blijkbaar is hij ook al weer op de dating tour. Hij is dus weer aardig zichzelf, want mijn schoonzus is nog net geen twee maanden weg. Maar goed, als hij zich maar vermaakt en plezier heeft.
Zijn dating-anekdotes worden met bijna nog meer enthousiasme opgeslokt dan de glazen frisdrank. Helemaal als hij de meiden na de frisjes ook nog een glas wijn voorzet. Leeftijdcontrole nul, overigens. Dat verbaast me. Roos is nog net geen achttien. Ik schenk er verder geen aandacht aan. Het is gezellig en ontzettend fijn om mijn broer weer wat opgewekter te zien.
Eenmaal thuis wordt het een latertje. Na veel zeuren van de meiden blijft hij de nacht bij ons. De volgende middag kruipen we pas laat aan de ‘ontbijttafel’. Het onderwerp schoonzus komt ook nog even aan bod. Om hem niet af te vallen en zijn ego te boosten, halen we haar dan ook spreekwoordelijk even goed door het slijk. Als hij aan het eind van de middag weer huiswaarts keert, zijn we moe maar voldaan en hangen we met z’n drietjes nog even op de bank.
“Als ik al die verhalen weer hoor, dan ben ik toch maar mooi blij dat ik nog veilig vrijgezel ben,” verzucht Sophie. “Maar… volgend weekend ga ik bij hem logeren en gaat hij met me op stap, wie weet kom ik wat leuks tegen,” grapt ze. Ik weet niet of ik daar wel zo blij mee moet zijn en antwoord dan ook niet enthousiast genoeg, naar haar zin. Alsof ze mijn gedachten kan lezen, vult ze het al in: “Ik ben volwassen, mam, sorry.” Roos wil ook graag mee. “Nee,” antwoorden we beiden in koor. “Jij bent nog geen achttien, jij komt nergens binnen,” bitst Sophie naar haar zus. Niet direct mijn argument, maar wel eentje die werkt, dus gebruik ik hetzelfde. Wel met een glimlach deze keer.






