“Al wakker, mevrouwtje?”
Wijdbeens balancerend, om zijn evenwicht goed te kunnen bewaren op de wiebelige steiger, kijkt een mij onbekende jongeman door mijn wijd geopende slaapkamerraam me vragend aan. Ach, da’s waar ook. De schilders zijn vandaag begonnen, schiet me ineens te binnen.
Van de woningcorporatie heb ik onlangs een brief gekregen waarin werd vermeld dat alle kozijnen en deuren in onze wijk opnieuw geschilderd zouden worden. Nog slaperig spring ik snel mijn bed uit en gris mijn ochtendjas van de haak.
“Jeetje, wat beginnen jullie idioot vroeg?”
“Klopt, da’s maar tijdelijk, in verband met de hitte,” legt hij uit. “Dan kunnen we namelijk ook iets eerder stoppen.”
“Mam, tegen wie praat je?” roept mijn zoon vanuit zijn slaapkamer, “en kun je meteen even mijn koptelefoon pakken?”
“Doe het lekker zelf, boy,” wordt hij vanaf de steiger teruggefloten.
“Bemoei je je er niet mee,” bromt zoon.
Als ik even later de keuken inloop, heeft hij de schilder al een kop koffie aangeboden en kletsen ze honderduit. Samen plakken ze alle ramen af.
Vanaf dat moment zijn de schilders overal te vinden. In mijn voortuin, achtertuin en zelfs binnenshuis banjeren ze rond. Ramen en deuren staan uitnodigend open om goed te kunnen drogen waardoor de schilders door mijn huis van voor naar achter lopen. Op hun verzoek snoei ik ijverig de beplanting in mijn voortuin zodat ze hun inmiddels toegeëigende territorium nog verder kunnen afbakenen. Gelukkig plassen ze binnen, keurig op mijn toilet.
Het zijn rommelige, maar vooral gezellige dagen. Iedereen doet flink z’n best. Zowel de zon, de schilders, als de luid afgestelde radio maken vele overuren.
Naarmate de klus vordert en mijn huis zienderogen opknapt, ga ik er daarentegen steeds slechter uitzien. Zo word ik iedere ochtend al voor dag en dauw wakker geblèrd door de Nederlandstalige muziek van het ‘Tot uw dienst’ duo André Hazes en Mart Hoogkamer.
Maar eerlijk is eerlijk, het resultaat van het schilderwerk mag er wezen!
Als ik een paar dagen later de hoofdaannemer spreek, complimenteer ik hem dan ook uitgebreid met het geleverde vakwerk en zijn enthousiaste, hardwerkende mannen.
“Dank je!” ontvangt hij mijn compliment. “Tja, het lijkt heel eenvoudig, een beetje schilderen, maar er komt toch echt veel meer bij kijken dan de meeste mensen denken,” legt hij uit. ”Want behalve schilderen, werken we daarnaast ook nog eens als een soort psycholoog.”
“Psycholoog?”
“Ja, het klinkt misschien gek, maar wij schijnen er vooral bekend om te staan, dat we nogal sociaal zijn en bijzonder goed met allerlei mensen overweg kunnen. Dat is volgens mij ook de reden waarom wij deze grote klus van de woningbouw hebben gekregen.”
“Aha. Dus je zou eigenlijk kunnen zeggen dat jullie – naast een gespecificeerde offerte voor het complete schilderwerk – ook een op maat gesneden behandelplan voor alle bewoners bij de woningcorporatie hebben ingediend?”
“Zoiets, ja,” lacht hij breeduit.
“Nou, dan ben ik wel benieuwd naar mijn persoonlijke behandelplan?” informeer ik nieuwsgierig.
“Ach, dat moet u ook niet al te letterlijk nemen. Zoiets gaat gewoon vanzelf.”
“Zoals, bijvoorbeeld?” dring ik aan.
“Nou, we zagen bijvoorbeeld dat u een veel te zware kast in de woonkamer probeerde te verplaatsen. Toen heeft Luuc u aangeboden om een handje te helpen. Want u durft zelf namelijk niet zo snel om hulp te vragen.” Hij haalt hij één wenkbrauw op. “Maar geloof me, soms is het toch echt beter om dat juist wél te doen.”
“Oké, het durven inzetten van een hulpvraag,” teken ik alvast op in mijn dossier.
“En we hebben u gevraagd om een paar takken te snoeien, zodat wij er gemakkelijker bij konden. Maar uit ervaring weten we, dat de meeste mensen dan juist lekker doorpakken. U dus ook. In een mum van tijd stond uw hele voortuin er eindelijk weer eens netjes bij,” besluit hij tevreden.
“Activerende begeleiding,” vertaal ik rustig.
“Oh ja,” herinnert hij zich, “we hebben u ook een dagje laten uitslapen.”
Stomverbaasd kijk ik hem aan.
“Wacht eens even, dat verklaart dat raadselachtige briefje op mijn ruit,” begrijp ik ineens.“’Graag bellen als u tijd heeft voor schilderwerk. Liefs, de schilder.’ Dat briefje! Met andere woorden, u zou pas komen schilderen als ik wakker was?”
“Precies, want eerlijk gezegd, zag u de laatste tijd er knap vermoeid en erg belabberd uit.”
“Eh,” aarzel ik even, “hoe zal ik dit laatste behandelpunt omschrijven?”
“Netjes afwerken?” grijnst de schilder.

bron: eigen foto (TCB)





