Mijn bestie klaagt nooit. Zelfs als álles tegenzit, is zij nog in staat om er een positieve draai aan te geven. Over die gave moet je ook wel beschikken als je, zoals zij, in het onderwijs werkt. Afgelopen week vertelde ze mij over de rariteiten die je als leerkracht tegenwoordig zoal meemaakt. Daar kan de serie ‘De Luizenmoeder’ echt niet tegenop.
Docent worden is sowieso een roeping, vind ik. Niets trekt mij minder dan het idee om als wandelende zakdoek voor kleutersnot gebruikt te worden. Of om onderuitgezakte tieners te moeten motiveren om iets van hun leven te maken door een vak te leren en daarmee misschien wel wereldverbeteraar te worden.
Vorig jaar gaf ik op een hogeschool een vier-uur-durende module over het gebruik van AI. Die ene ervaring was genoeg om te zien dat er iets fundamenteels is veranderd sinds ik de schoolbanken verliet. Zo bleek de starttijd voor velen slechts een richtlijn tot verzamelen: ik begon met een derde van het zooitje ongeregeld. Gaandeweg het eerste lesuur werd mijn verhaal meerdere keren onaangekondigd onderbroken door laatkomers zonder enige vorm van excuses. Gevolgd door de vraag of er koffie gehaald kon worden in het tweede uur, want de crackhead van de groep had moeite met het lange stilzitten. Toen verliet de derde kansarme ineens het klaslokaal met de mededeling: ‘sorry, moet effe bellen. Business… weet je?’ Ik wist niet of ik moest lachen of huilen. Ik koos voor beiden, maar dan vanbinnen. Ik moest me inhouden om niet mijn laptop dicht te klappen en huiswaarts te keren.
Deze generatie is wat mij betreft gewoon afgeschreven. Hier mogen we écht niets van verwachten. Maatschappelijk impact maken is bij deze van mijn bucketlist weggestreept. Maar hoe anders is het voor de leerkrachten die dagelijks opgescheept worden met dit soort tuig? Volgens mijn vriendin, al jaren werkzaam in het onderwijs, ligt het aan de voorgaande generatie: de ouders van nu. Degenen die hun verantwoordelijkheid steeds weer afschuiven. Zíj gedragen zich schaamteloos. En zo’n slecht voorbeeld doet nu eenmaal slecht volgen, bleek wel uit haar voorbeelden.
Een van de dieptepunten is toch wel het jaarlijkse ouder-kijkmoment van de sinterklaassurprises in de klas. De surprises zijn grofweg verdeeld in drie categorieën: door ouders met te veel tijd gemaakte surprises (levensgrote dieren-piñata’s, tot in detail uitgewerkt), slechte bouwsels gemaakt door de kinderen zelf (die vaak al voor de klassendrempel in drie delen uiteenvallen) en surprises uit gezinnen die het hele gebeuren zien als een ‘moetje’ (veelal gerecycled spul, te herkennen aan het overmatig gebruik van dubbelzijdig plakband). Nu bleek in de klas van mijn bestie dat een van de ouders het niet eens was met de surprise die was gemaakt voor haar kind. Deze werd vervolgens bot weggegooid in de prullenbak van het klaslokaal en vervangen door een creatie die zij zelf had gemaakt voor haar eigen kind. Zijn ouders tegenwoordig écht zo respectloos?
Ook ten aanzien van opvoeding werd – in mijn vriendins voorbeelden – nogal eens geprobeerd de verantwoordelijkheid te verleggen van ouder naar docent. Na lang beraad werd besloten een agressieve leerling naar huis te sturen en een aantal dagen te schorsen, vanwege het stelselmatig verstoren van de les. Mijn vriendin had de edele taak om de ouders van dit kind te informeren, dus belde ze hen op. Je zou verwachten dat ze het schaamrood op de kaken zouden hebben, wilden weten wat de agressie had veroorzaakt en hoe zij dit gedrag het beste konden aanpakken bij hun kind. Het tegenovergestelde gebeurde. Er werd gezegd dat agressiviteit op school toch echt iets was voor de docent om op te lossen. Dat dit geen uitzondering was, bleek wel uit een ander geval dat zelfs resulteerde in een pleinverbod voor beide ouders. Ik wist niet wat ik hoorde.
Daarom richt ik mij hierbij dan ook gaarne even tot alle ouders van Nederland:
De verantwoordelijkheid van een docent is allang niet meer beperkt tot het stampen van ‘aap, noot, mies’ in het brein van uw levensvatbare vrucht. Docenten monitoren het welzijn van alle leerlingen, zorgen voor extra aandacht en ondersteuning wanneer je kind achterblijft en zijn begeleider bij tal van activiteiten zoals schoolreisjes, museumbezoekjes en speeltuin- of pretparkuitstapjes. Zodat uw kind ook nog iets van sport, cultuur en recreatie meekrijgt.
Ook loodsen ze uw spruit naar de eerste hulp als het tijdens gym het respect niet kon opbrengen om naar de instructies te luisteren (Oost-Indisch doof en zo) en daardoor uit een klimrek is gekletterd. Want vaak bent u zelf telefonisch niet bereikbaar of niet in staat om te komen, zelfs niet wanneer dit in hoogst uitzonderlijke gevallen nodig is.
Laten we daarom de docent op handen dragen en zo nu en dan een compliment geven? Want vergeet niet dat als docenten uitvallen, het werk neerleggen of er geen instroom van de PABO meer is, u straks zelf uw misbaksel moet gaan onderrichten en opvoeden. Daar moet een mens toch niet aan denken? Laten we eerlijk zijn: u heeft blijkbaar al moeite met één kind. Docenten hebben er doorgaans wel dertig.

Bron: AI (in opdracht van L.C.)






