‘Misschien word ik wel gek?’ zei de vrouw tegen haar vriendin, maar die lachte. ‘Schat, ik ken je vanaf je achtste. Je bent niet gek. Je bent abnormaal. Dat hoort bij jou. Maak je geen zorgen, er is niets nieuws onder de zon.’
Over Mannen en Maaien
‘Niet telkens meer over mij schrijven,’ had de man gezegd. ‘Houd eens op met die gesprekken, ga eens over andere dingen schrijven. Over je leven, je werk, schrijf fictie of over de gebeurtenissen in de wereld, maar niet steeds die gesprekken. Dat weet iedereen onderhand wel.’
Over Slagroom en Fietssleutels
‘Ik ben erg benieuwd,’ zei de man, ‘waar je deze keer over gaat schrijven. Ik hoop alleen dat het niet wéér over mij gaat.’
De vrouw keek hem aan.
‘Ik vind, en dat meen ik serieus, dat je nu weer eens over andere dingen moet gaan schrijven. Schrijf over je leven zonder mij.’
Over Gemis en Gras
‘Traantjes?’ glimlachte de man lief.
‘Sommige dagen overvalt het me ineens,’ zei de vrouw. ‘Het was laatst 21 jaar geleden dat we in dit huis gingen wonen. Samen aan ons avontuur in Harlingen begonnen. Het leek alsof de hele wereld voor ons open lag.”
Over Kalk en Tijd
In de verte hoorde ze hoge kinderstemmetjes. Ze glimlachte melancholiek en dacht aan de schommel die ooit achter in de tuin had gestaan. Aan het opblaasbadje, aan pa op de steiger, aan natte handdoeken over de tuinstoelen.
‘Gooi in het najaar eens wat kalk op het gras,’ zei de man. ‘Je hebt veel te veel mos in die tuin.’
Over het eerste jaar en lavatera’s
Een jaar. Een heel jaar. Zolang was de man nu weg. ‘Vandaag precies een jaar geleden, om half vijf, liet ik je gaan,’ zei de vrouw. ‘Hand in hand lagen we op het bed, ik gaf je kusjes in je nek, ik bedankte je voor die 27 geweldige jaren. Je was zo verdomd moedig. Totaal niet bang.’
Over Noodweer en Pizza’s
‘Kalm maar,’ zei de man sussend. ‘Ik weet heus wel wat je bedoelt. Over twee weken is het een jaar geleden dat ik wegging.’
‘Precies,’ riep de vrouw uit. ‘Een heel jaar. Als mensen aan me vragen wanneer mijn man is overleden, heb ik nog steeds de neiging om te zeggen: gisteren. Zo voelt dat.’
Over Koffie en Kikkers
De vrouw keek naar een foto op haar telefoon. ‘Neem deze foto nou. Die maakte ik vandaag precies een jaar geleden. Het was een prachtige dag en we…’
‘Dronken een kopje koffie in de overkapping,’ vulde de man aan. ‘Jij had een decaf met sojamelk en ik een cappuccino.’
Over Schoenen en Hommels
Er vloog een hommel naar binnen. Het was de eerste lente zonder de man. Ze herinnerde zich hoe hij altijd glimlachte als de eerste hommels weer verschenen. Haar blik volgde de hommel, terwijl ze de kamer rondkeek – naar zijn stoel, naar het tafeltje waar zijn bril nog lag.
Morgen ben je mij weer
Er stond: vergeet het niet weer. Hij fronste. Dat had hij er zelf bij gezet, dat moest wel, alleen: hij herinnerde zich het moment niet. ‘Vreemd,’ mompelde hij. Hij schreef eronder: wat niet? Toen hij later terugkeek, stond er: dat weet je heel goed.
Meisje toch
De vrouw glimlachte bij de gedachte aan haar moeder. ‘Wat was ze altijd vrolijk, hè?’ zei ze. ‘Is,’ verbeterde de man haar. ‘Is. Hier is ze net zo vrolijk. Ze is ondertussen beste vriendjes met Artie Shaw en Thelonious Monk en Ella Fitzgerald en God weet wie nog meer geworden.
Over pannen en morgen
‘Je hebt het heel lang niet doorgehad,’ zei de man.
‘Ik denk het,’ zei ze.
‘Je dacht dat er nog tijd genoeg was. Ik in het begin trouwens ook.’
De Laatste Zomer
‘De to-do-lijst werd steeds langer,’ zei hij. ‘Tja.’ Even bleef het stil. Daarna vertelde ze: ‘Ik heb in elk geval de belastingaangifte al de deur uit. Weet je nog hoe ik daar vroeger tegenop zag?’ ‘Dat snap ik nog steeds niet,’ zei hij. Ze had geen zin om het uit te leggen.
Over Tijd en Tellen
‘Ik dacht aan vroeger,’ zei ze. ‘Aan hoe vanzelfsprekend alles toen was.’ ‘En toch vond je het soms ook ingewikkeld,’ zei de man. ‘En druk.’ Dat is waar,’ gaf ze toe. ‘Maar toch. Je denkt altijd dat er nog tijd genoeg is voor alles.’ ‘Ja,’ zei de man. ‘Dat denkt bijna iedereen. Totdat de tijd op is.’
Over sneeuwklokjes en melancholie
Ze had haar tranen niet zien aankomen. Ze had daar gestaan, met haar hand tegen het raam, en even leek het alsof iedereen weer in huis was. Dat was een paar dagen geleden. Volgens vriend A. was dit rouw, maar zelf dacht ze dat het melancholie was. ‘Rouw gaat over wat je kwijt bent,’ zei ze. ‘Melancholie gaat over wat er ooit was.’



Wij zijn continu op zoek naar vers bloed! Wij zoeken vrouwelijke schrijffanatici die graag op een groter platform willen schrijven en publiceren.











