“Ja, hallo?” klinkt het ongeduldig.
Het is mijn ex.
“Ook een hele goede morgen,” zeg ik vriendelijk. “Alles oké?” informeer ik belangstellend. “Gisteren vertelde onze zoon dat jij onderweg was naar jouw huis in Zuid-Spanje, maar dat je nu ergens halverwege bent gestrand met autopech?”
“Ja, klopt. Net voor de Spaanse grens. Mijn bus heeft het begeven.”
“Balen, zeg,” leef ik mee, terwijl ik de woorden ‘maar dat was een keer te verwachten’ nog net op tijd inslik.
Een tijd geleden, nadat mijn ex op internet een serie foto’s van zelfbouwcampers had gezien, downloadde hij dolenthousiast een uitgebreid en gedetailleerd stappenplan om zelf ook zo’n schitterend exemplaar te kunnen bouwen. Omdat hij nogal ongeduldig van aard is, besloot hij na bestudering van de toch wel zeer uitgebreide beschrijving, enkele stappen over te slaan. Hij wist zich voornamelijk te concentreren op de eerste stap (een ruime, tweedehands bus vinden) en de allerlaatste stap (een matras plaatsen).
“Waarom rijdt hij niet meer?”
“Doet er niet toe,” bromt ex geïrriteerd, “ze kunnen de bus hier in ieder geval niet maken en daarom moet ie worden weggesleept. Maar de ANWB wil ‘m niet ophalen, waardoor ik nu in een of ander naargeestig hotel langs de snelweg zit en geen kant op kan,” klaagt hij.
“Misschien zelf een autosleep regelen en daarna verder reizen met een taxi naar het dichtstbijzijnde treinstation of vliegveld?” stel ik praktisch voor.
“Onmogelijk.”
“Hoezo?”
“Omdat ik mijn hond en een dozijn scharrelkippen heb meegenomen, die ook nog eens gestrest zijn geraakt door de hele situatie. Er is geen kip die ons wil meenemen.”
Ik grinnik even.
Het klopte dus toch! Uit de verhalen van mijn zoon had ik al enigszins begrepen dat zijn vader een verrijdbaar kippenhok in elkaar had geknutseld op een tweedehandse aanhanger die hij gratis op de kop getikt had.
“Wil je beweren dat hij over de snelweg rijdt met een aanhanger vol levende kippen?” had ik destijds vol ongeloof herhaald.
“Jazeker, zat ruimte voor wel 30 legkippen.”
“Waarom wil hij die kippen in vredesnaam meenemen?”
“Dan heeft hij gratis eieren tijdens zijn verblijf in Spanje. Hij zit daar soms wel een paar maanden lang.”
“Maar hij kan in Spanje toch ook kippen kopen? Of nog gemakkelijker: eieren misschien?”
“Jawel, maar aan deze kippen is hij bijzonder gehecht. Hij kent ze zelfs bij naam. Wel grappig, hoor. Hij heeft ze vernoemd naar alle bendeleden uit die misdaadserie “La Casa del Papel.”
“Ja, hallo?” roept mijn ex alweer. “Ik hoor niks meer, ben je er nog? Wat moet ik doen? Ik dacht, jij weet meestal wel een oplossing…?”
Op de achtergrond hoor ik een licht gegrom van zijn hond en een oorverdovend gekakel van een dozijn kippen.
“Wacht eens even,” herinner ik me ineens, “ik ken nog een aardige vent, die gespecialiseerd is in uitzonderlijk vervoer. Hij heeft vorig jaar de auto van mijn moeder vanuit Frankrijk naar Nederland gesleept.
“Maar hij vervoert ook regelmatig ongebruikelijke objecten zoals gigantische beelden en decors, dinosaurusskeletten, silo’s, tanks… zelfs chalets met inboedel…”
“Ok, dat klinkt goed. Geef me zijn nummer maar.”
Een dag later gaat de telefoon weer.
“Wat een lul!” brult ex direct in mijn oor.
“Eh, wie bedoel je?΅
“Die kerel van de sleepdienst. ‘Gaat ‘m niet worden, die sleep,’ zei hij.”
“Laat me raden, hij heeft een kippenallergie?”
“Nee, natuurlijk niet. Hij wilde eerst weten wat hij precies moest vervoeren. Ik dacht, laat ik er geen doekjes om winden. Maar ja, ik ben inmiddels natuurlijk ook een beetje van slag, dus ik noemde de kippen per ongeluk bij naam: Tokio, Rio, Nairobi, Berlin, Helsinki… Denver, Palermo… En natuurlijk de Professor. ‘Een stelletje criminelen vervoeren?’ antwoordde hij toen. ‘Mooi dat ik daar niet aan begin!’ En nog voordat ik het ook maar enigszins kon uitleggen, hing hij al op.”
“Oh. En nu?”
Er klinkt een diepe zucht.
“Het is inmiddels geregeld. De ANWB komt vandaag nog om mijn bus weg te slepen naar mijn huis in Spanje. De kippen mogen gelukkig mee op transport.”
“Da’s mooi.”
“En jijzelf?”
“Ook geregeld. Ik word opgehaald door een hele leuke rechercheur,” klinkt het ineens bijzonder opgewekt.
“Jouw vriendin, dus,” weet ik meteen. “Nou, dan wens ik jullie veel plezier en een hele fijne tijd in jouw ‘casa’! Oh, en bewaar dat telefoonnummer van die sleepdienst nou toch maar,” geef ik mijn ex ter advies mee. “Mocht je van plan zijn om jouw Spaanse huis achter je bus te hangen wanneer je over een tijdje weer terug naar Nederland rijdt, dan zou dat nummer je best nog eens van pas kunnen komen… Maar eh, fijne vakantie dan maar, hè? En doe Tokio, Berlin en de Professor de groeten.”

bron: Creatie van ChatGPT (AI in opdracht)






